maandag 20 september 2021

De afrekening

Het coronavirus is nog lang niet uit de wereld. Desalniettemin denk ik dat het toch al interessant kan zijn om eens te kijken naar de impact van anderhalf jaar corona-crisis op de (Westerse) schaakwereld. Zijn er nieuwe blijvende initiatieven ontstaan? Zien we een aangroei of eerder een daling van het aantal schakers? Welke lessen werden er getrokken door de schaakinstanties?

Laat ons starten met het online schaken waar zich recent bijna alles moest afspelen door de lockdowns. Als we kijken naar bv. de lichess-database dan zien we ongeveer een verdrievoudiging van de activiteit t.o.v. maart 2020. Daarnaast ontstonden diverse online competities die tot op vandaag nog lopen zoals  de lichess-liga en de lichess-mega team battles. Echter tot daar het goede nieuws. Met de heropstart van het bordschaken in de meeste schaakclubs zien we dat clubschakers massaal afhaken van het online schaken en dit heeft een directe impact op de grote online tornooien. De lichess-liga heeft reeds 30% verloren van zijn piek. De mega-team-battles zitten in een snelle neerwaartse spiraal nu bijna alle grootmeesters verdwenen zijn en in de meest recente editie waren 3 keer minder spelers dan de piek.

De zondagse battles en 99% van de online tornooitjes georganiseerd door de schaakclubs zijn stopgezet. De Belgische online schaakclub met zijn eigen diverse sites (lichess-pagina, facebookwebsite, twitch en youtube-kanaal) is al verscheidene maanden dood. Zelfs het online klassiek schaken waarvan ik had gehoopt dat het een oplossing voor de inactiviteit zou bieden, blijkt geen vervolg meer te krijgen. Tenslotte de online nieuwsbrief van de KBSB is stilletjes sedert mei verdwenen.

M.a.w. het ziet er naar uit dat het heel snel terug naar business is zoals voor corona. Voor de modale clubschaker was het online schaken niet meer dan een vervelende noodoplossing. Dan is de volgende vraag natuurlijk hoe het staat met het clubschaken. Wel daar is het nog heel vroeg dag maar ik zie toch een aantal hoopvolle tekens. Zo merk ik op dat de lokale clubkampioenschappen van Deurne, Mechelen, Roeselare,... slechts lichtjes verlies van deelnemers kennen. De Nederlandse interclub is gestart met 3 reeksen minder op 41 t.o.v. 2 seizoenen geleden en dat is best een mooi resultaat in deze tijden. Ik verwacht een iets lagere opkomst voor het volgend Belgisch interclubseizoen wegens de lage vaccinaties in Brussel en Wallonië maar niets desastreus. Open tornooien zoals Open LeuvenOpen Hoogeveen, Open Tegernsee zijn al maanden op voorhand volzet.

Alles bij elkaar genomen zou het dus een licht ledenverlies betekenen. Mits een doorgedreven jeugdbeleid kan dit opnieuw worden omgebogen maar dat is twijfelachtig. De voorbije maanden werden zeker inspanningen gemaakt voor de jeugd maar slechts een kleine groep werd bereikt. Bovendien reeds voor corona zagen we dat verscheidene clubs het lastig hadden om vrijwilligers te vinden. Jonge nieuwe krachten blijven schaars en de overblijvers zijn weeral een dagje ouder geworden.

Een crisis schept kansen maar weinig of geen van die kansen hebben zich gematerialiseerd. De enige echte grote verandering die ik recent opmerkte is dat je nu van heel veel clubschakers makkelijk grote aantallen partijen kunt terugvinden. Alles, echt alles dat je online doet, laat sporen na. Het is soms wat zoeken maar dankzij de chats, clubwebsites,... slaag ik er heel vaak in om online profielen met echte namen te linken. Ik bereidde mij de voorbije anderhalve maand op 17 spelers voor. Van 12 vond ik een of meerdere online schaakprofielen vaak met honderden tot zelfs duizenden gespeelde online partijtjes.
In de derde kolom zie je het aantal partijtjes dat ik gevonden heb van de spelers door enkel te kijken in de megadatabase. In de 6de kolom zien we dan het aantal online partijtjes die ik gevonden heb dankzij hun online profielen op lichess en chess.com. Sommige spelers hebben duidelijk niet stilgezeten tijdens corona. Anderen hebben dan weer slechts aan een paar tornooitjes deelgenomen. In beide gevallen is alles geregistreerd en zelfs een account wissen (zie hierboven naar Karel Brozka) helpt niet. 

Nu heb ik wel van sommigen duizenden extra partijtjes gevonden, je moet vervolgens ook nog het kaf van het koren scheiden. In online partijtjes zit heel veel onzin tussen. Soms heb je ook maar een uurtje om voor te bereiden dus onvoldoende tijd om alles te bekijken. Filteren is dus absoluut noodzakelijk en daarvoor zie ik 2 belangrijke opties : openingtree en een eigen openingsboek aanmaken. Ik begin met openingtree die ondertussen steeds wijder bekend geraakt bij de clubschakers.

Openingtree is een gratis website die je toelaat om in enkele seconden/ minuten tijd (afhankelijk van het aantal partijen) een volledig overzicht van het openingsrepertoire van een online account te verkrijgen. Bovendien kan je van een bepaalde positie altijd lichess opstarten om Stockfish te raadplegen. Dus je hebt geen dure Chessbase nodig. Een simpele smartphone met stabiele internetverbinding volstaat om alle toepassingen te kunnen gebruiken.

Echter geen Chessbase betekent tezelfdertijd ook dat iets opzoeken in je eigen databases heel omslachtig is. Ik heb heel veel openingsbestanden zelf aangemaakt en dan is het veel handiger als alles kan in 1 interface. Een ander nadeel van die openingtree is dat je geen meerdere accounts kunt samenvoegen. Dus iemand die zowel een lichess als chess.com account heeft, moet je telkens afzonderlijk bekijken op openingtree. Tenslotte gaat het analyseren van meerdere varianten in iemands repertoire ontzettend traag via openingtree mits je per zet telkens heen en weer moet springen tussen lichess en openingtree. Ik dacht dat kan veel beter.

Eind vorig jaar schreef ik in mijn artikel lichess hoe je heel simpel en snel alle partijen van lichess en chess.com kon downloaden met een paar klikken. Vervolgens is het in Chessbase kinderspel om op kleur die databases samen te voegen. Als laatste stap maak je een nieuw openingsboek aan en importeer je die database waarna alles klaar staat om uiterst efficiënt te werken. Zelfs bij een waanzinnig aantal van 8.687 online partijen zoals in mijn voorbereiding tegen Finak Vaclac kostte mij dit aanmaken van een gepersonaliseerd openingsboek slechts ongeveer 10 minuten tijd. Onderstaand screenshot toont heel mooi de enorme voordelen t.o.v. openingtree.

Dus ik heb alles op 1 plaats beschikbaar. Ik zie de stelling waarin ik geïnteresseerd ben. Ik heb het gepersonaliseerd openingsboek van "alle" online gespeelde partijen van mijn tegenstander met alle belangrijke statistieken. Ik zie mijn eigen openingsboek waarmee ik onmiddellijk kan afchecken wat voor mij nieuw is in het repertoire van mijn tegenstander of ik al eens eerder heb bekeken. In parallel rekent Stockfish voortdurend mee. Tenslotte switchen naar andere databases (correspondentieschaak, computerschaak...),  openingsboeken (+2300 spelers) of zelfs engines (leela) kan in enkele muisklikken.

In andere woorden het is een uiterst geavanceerd commando-center om mijn partijen voor te bereiden. Anderzijds geef ik ook onmiddellijk toe dat het zeer zelden doorslaggevend is op het resultaat van mijn bordpartijen . Een mooi voorbeeldje van de bescheiden impact zien we in onderstaande partij uit ronde 4 van Open Praag tegen de Nederlandse expert Erik Both.
Ondanks 17 zetten voorbereiding op het bord met een voordelige stelling volgens de computer stond ik heel lang verloren in de partij. Het was een mirakel dat ik het redde. In het tornooi was het een keerpunt voor mij want daarna ging het opmerkelijk beter in de volgende partijen.

Online partijen van je tegenstander bekijken in de voorbereiding zal dus slechts een klein beetje helpen. Echter serieuze schakers gebruiken alle kleine voordeeltjes die ze maar te pakken kunnen krijgen zoals deze blog van een schaakprofessional ook beschrijft. De Zwitserse grootmeester Noel Studer zegt daarin zelf ook actief op zoek te gaan naar online accounts van zijn tegenstanders.

Veel amateurschakers die terug met bordschaak starten krijgen nu te maken met de afrekening van hun anderhalf jaar online geschaak. Het is vooral pijnlijk voor de spelers die hun lievelingsvarianten openbaar te grabbel hebben gegooid. Sommigen spelen die varianten al decennia zorgeloos tot nu dus. Accounts sluiten helpt evenmin want de partijen blijven ook dan nog beschikbaar. Het wordt aanpassen of wachten tot het internet langzaam alles vergeet.

Brabo

vrijdag 10 september 2021

De schaakmicrobe deel 5

Terug naar het onbezorgd leventje van voor corona is nog niet voor morgen in België. Zelfs met de vaccins wordt het ondertussen steeds duidelijker dat we het virus (voorlopig?) niet de genadeslag kunnen toebrengen. Bijgevolg gaan de discussies over de covidmaatregelen onverminderd verder ook binnen de Belgische schaakwereld.

Ik bemoei mij er niet mee. Soms heb ik wel eens het gevoel dat er in België 11 miljoen virus-experten zijn maar eigenlijk weet niemand precies hoe de vork aan de steel zit in dit coronaverhaal. In elk geval ik ben wellicht een van de weinige (wie nog?) Belgische schakers die tegenwoordig geregeld in het buitenland schaakt wegens de mondmaskerplicht. Ik heb mij zonet aangemeld voor de Nederlandse interclub en ook tijdens de voorbije zomer zocht ik het weer ver met een tornooi in Tsjechië ipv België. In beide landen is er geen mondmaskerplicht tijdens het spelen van partijen. Ja je moet er iets voor over hebben om als Belg zonder mondmasker te kunnen schaken tijdens corona-tijden. 

Dus net als vorig jaar trok ik deze zomer weer naar Praag om te schaken. Toen was het een groot avontuur die ik in geuren en kleuren vertelde op deze blog zie de schaakmicrobe deel 3. Dit jaar moest niet onderdoen maar ik loop voor op de feiten. Laat mij eerst mijn verhaal doen en dan kunnen jullie beslissen of ik overdrijf of niet.

Om te beginnen wou ik eigenlijk helemaal niet terug naar Praag dit jaar. Begrijp mij niet verkeerd. Het is een goed georganiseerd tornooi en een leuke locatie maar ik speel toch liever zonder 1000 km enkele richting te moeten reizen voor een schaaktornooi. Bovendien spelen in een land waar je de taal niet machtig bent, is toch ook altijd een nadeel (zie mijn artikel het thuisvoordeel). Dus aanvankelijk keek ik lange tijd naar de tornooien van Gent, Brugge en in mindere mate Geraardsbergen. Gent werd geannuleerd. In Brugge werd mondmasker verplicht. Geraardsbergen was nog zotter met spelen op 5 locaties. Probeer dat eens mee te spelen tezelfdertijd met je kinderen. Ik las in Vlaanderen Schaakt Digitaal dat de Nederlandse IM Herman Grooten het gedaan heeft met enkel zijn enige zoon en steevast al 10 minuten te laat was voor elke partij.

Echter in het buitenland spelen zonder corona-pas is evenmin een sinecure. Zoals ik al had vermeld in juni op mijn blog (zie schaakcomfort deel 3) behoorde ik tot de 5% volwassenen in België die pas eind augustus/ begin september ten vroegste een corona-pas zouden kunnen ontvangen. Brute pech natuurlijk want ik snap ook wel dat de vaccinaties afhankelijk zijn van de leveringen. Bovendien vragen sommige landen om de 48 uur een nieuwe PCR-test. Vorig jaar was al moeilijk om te reizen maar dit jaar was dus nog een pak moeilijker. De buurlanden vielen hierdoor al snel af en dus kwam Praag opnieuw op de radar.

Thuis was er weinig animo voor mijn voorstel. Done that, been there was de reactie van mijn kinderen. Vorig jaar hebben we er al alles gezien dus ze hadden geen zin om mee te gaan. Ik snap dat uiteraard. Ze zijn niet zoals ik die ook nog uren na en voor de partijen bezig is met schaken. Persoonlijk heb ik geen probleem ermee dat het toeristische aspect wegvalt tijdens een schaaktornooi. Daarentegen denken veel amateurschakers er ander over. Voor hen is de combo schaken + toerisme wel erg belangrijk bij het kiezen van buitenlandse tornooien.

Nu veel schakers zijn einzelgängers dus zitten er niet mee in om ergens alleen naar toe te gaan maar zo zit ik niet in elkaar. 10 dagen zonder gesprekspartner in een hotelkamer zitten in het buitenland lijkt mij allerminst aangenaam. Het is bovendien 1 van de belangrijkste redenen waarom professionals stoppen met schaken. Anderen worden dan weer notoire alcoholverslaafden want de verleiding is groot om op die manier toch even je zinnen te verzetten.

Dus ging ik op zoek naar schakers die geïnteresseerd waren om gratis mee te rijden met mij om samen het tornooi te spelen. Dat bleek niet zo eenvoudig want ik wou ook niet om het even wie zomaar meenemen. Uiteindelijk kreeg ik een voorstel uit een verrassende hoek. Mijn zoon Hugo zou eens polsen bij zijn beste schaakvriendjes wie er wou meegaan en samen zou hij het wel zien zitten om nog een keertje naar Praag mee te gaan. Tot mijn lichte verwondering kwam hij af met 2 jongens.

Ik twijfelde en ik niet alleen. Mijn echtgenote raadde het mij zelfs ten stelligste af want zij wist ondertussen uit ervaring hoe ik mijn tornooien speel. Je kan niet en intensief je partijen in het tornooi voorbereiden/analyseren en tezelfdertijd 3 jongens van 12 jaar waarvan je 1 totaal niet kende begeleiden zoals het moet. Anderzijds wist ik ook dat dit wellicht mijn enige kans was om uberhaupt te schaken deze zomer (wat achteraf ook bevestigd werd).

De schaakmicrobe was uiteraard te sterk wat niet wil zeggen dat ik als kip zonder kop met de jongens vertrok naar Praag. Op voorhand maakte ik  enkele duidelijk afspraken met de ouders en kinderen. Daar ik elke dag mijn partijen uitgebreid wou voorbereiden, was het noodzakelijk dat ik kon erop vertrouwen dat de kinderen zich enkele uren konden gedragen zonder dat ik mezelf met hen moest bezig houden. Daarnaast zouden ze het hotel enkel onder mijn begeleiding mogen verlaten. Niemand protesteerde dus ging ik er vanuit dat ik met 3 engeltjes zou vertrekken.

Wel ik vermoed ieder van hen zijn wellicht engeltjes thuis als ze alleen zijn. Echter zet je ze samen dan gaat het dak eraf. Al op dag 1 had ik er geen goed oog meer op. 1 van de jongens had behalve een schaakboek helemaal niets mee om zich bezig te houden. Tja dan kan je wel raden dat een kind van 12 niet gewoon uren blijft zitten op zijn bed in zijn kamer. In een mum van tijd ging het geluid crescendo in mijn aanpalende hotelkamer (ik had uiteraard de kamer naast die van hen geboekt).

Daarna begon het kattenkwaad. Eerst nog braafjes maar toen ze ontdekten dat ik niet ingreep, gingen ze steeds verder de grenzen aftasten: tikkertje in de gangen van het hotel, nachtlawaai, druivenpitjes van de 5de verdieping op straat gooien naar voorbij wandelende mensen, kloppen op de deuren van hotelkamers, een hotelsleutel die op het dak van het hotel belandde, opsluiten van elkaar in de badkamer/ onder het bed, worstelen, flesjes vullen met water en droppen voor hotelkamers, ... Een keertje greep ik toch in toen ik op straat roepende bekende stemmen hoorde. Jawel 2 van mijn jongens liepen op straat terwijl ik nochtans heel duidelijk had gezegd dat dit verboden was.

De allerlaatste dag kwam de volledig poetsploeg kijken naar hoe de jongens hun kamer hadden achtergelaten. Overal lagen kruimels. Afval was geduwd onder hun bedden. 1 poetsvrouw vertelde mij zelfs dat ze een dag eerder per ongeluk een vuile onderbroek met de stofzuiger hadden opgezogen. Hun kledij lag over de hele kamer verspreid dus tussen de etensresten. Ze konden er gelukkig allemaal hartelijk om lachen en keken mij vol medelijden aan. Het leven van een alleenstaande papa met 3 jongens is niet makkelijk.

De jongens vertelden mij achteraf dat het tornooi zelfs leuker was dan het schaakkamp georganiseerd enkele weken eerder door Schaakinitiatief Vlaanderen. Ik was veel minder streng en ze hadden zoveel meer mogen/ kunnen doen. Echter de reacties aan het thuisfront waren een stuk minder positief toen ik vertelde wat er gebeurd was. Als enige volwassene draag je altijd de volle verantwoordelijkheid. Sommigen vertelden mij dat ik uit het tornooi had moeten stappen bij zulk ontspoord gedrag. Een ervaren scouts-leider vertelde mij dat je nooit een groep van kinderen (zelfs 17 jarigen) kunt vertrouwen dat ze zich zullen gedragen zonder toezicht van een volwassene. Dat is iets helemaal anders dan 1 kind die een paar uur alleen thuis zit.

Tja ik wou mijn partijvoorbereidingen niet opgeven. Een ouder belde mij zelfs op om in te grijpen maar ik weigerde meer te doen dan eens te praten met de kinderen. Ik vertikte het om permanent naast hen te zitten en hen continu te corrigeren. 2000 km rijden om dan 10 dagen onbetaald oppas/ politieagent te spelen daar had ik niet voor getekend. Ik ben niet een betaalde tourorganisator zoals bij de uitzendingen van een nationale selectie naar een Europees of Wereldkampioenschap die altijd klaar staat.

Ik heb mijn lesje geleerd. Het had ook slecht kunnen aflopen als de hotelmanager ons eruit had gezet of de politie plots ons hadden meegenomen na klachten. Ik vermoed in Belgie heeft ook nooit iemand zoiets  geprobeerd zoals ik. De kinderen waren poeslief tijdens het schaken of als ik erbij was. Van zodra ik uit de buurt was, gingen de poppen telkens aan het dansen. Er ontbrak heel duidelijk een extra volwassene om die periodes van partijvoorbereidingen te overbruggen.

Toeval of niet maar ikzelf speelde een goed tornooi en dat was uiteindelijk voor mij de hoofdzaak. Ik behaalde een punt extra in vergelijking met vorig jaar. Dat was goed voor een winst van 16 elo ipv. 28 elo verlies vorig jaar. Het was een jaar geleden dat ik nog aan een bord had kunnen schaken en ik had het enorm gemist. Ik had het spelletje ook nog niet helemaal verleerd zoals in onderstaande partij. Mijn tegenstander is de Tsjechische FM Rostislav Taborsky die kort nadien als 16de elo het open tornooi van Ricany in Tsjechië won met 7,5/9.
In dit artikel heb ik omwille van privacy-redenen namen en afbeeldingen van de jongens weggelaten. Ik heb ook met opzet weggelaten wie wat precies heeft gedaan. Als volwassene ben ik mij ten volle bewust dan ik finaal alleen verantwoordelijk ben. Ik werd daarom ook afgeraden om deze blog te schrijven. Nu zoals vaak trek ik mij weinig aan wat anderen van mij denken of menen wat ik zou moeten doen. Met deze blog wil ik nog een keertje aantonen dat de schaakmicrobe een heel sterk beestje kan zijn. Tenslotte denk ik dat dit artikel ook het fabeltje weerlegt dat schakende kinderen allemaal heel verstandig en voorbeeldig zijn. Kinderen blijven kinderen.

Brabo

maandag 6 september 2021

De schaakmicrobe deel 4

Gisteren trok de hoogmis van het Belgisch schaken zich terug op gang. De grootste competitie van ons land ontwaakte na anderhalf jaar. De maanden voorafgaand woedde een felle discussie over of het al dan niet ok was om in covidtijden fysiek aan een schaakbord te schaken. Daar kwam nu een eind aan want iedere clubschaker kon niet langer zich wegsteken. Iedereen moest kleur bekennen. Ofwel speelde je mee of niet. Een compromis bestond er niet.

Dus de interclubronde gisteren was niet alleen een herstart of doorstart maar zou ook de vraag beantwoorden hoe het zit met de schaakmicrobe in België. Wel ik denk met bijna 1000 clubschakers die aanwezig waren op de afspraak dat we mogen stellen dat de schaakmicrobe net als het covidvirus nog lang niet uitgeroeid is. Meer nog het toont aan dat velen bereid zijn om de extra mijl te lopen voor een potje schaak op een fysiek schaakbord en het dus een terechte beslissing was van de bond om die mensen niet langer in de kou te laten staan.

Bijna 1000 clubschakers is mooi maar tezelfdertijd toont het ook hoe verdeeld de Belgische schaakwereld is vandaag. T.o.v. een normale interclubronde met een bezetting dicht tegen 100% bleven gisteren bijna 600 plaatsen leeg of slechts een bezetting van 63%. Dat is uiteraard geen positief nieuws voor het Belgisch schaken. Een kijkje naar onderstaande tabel toont ons dat in alle afdelingen er massaal forfait werd gegeven. (Disclaimer sommige resultaten zijn nog steeds niet binnen. Ik heb verondersteld dat men gespeeld heeft dus mogelijks zijn het aantal lege plaatsen nog onderschat.)
1ste klasse is het vlaggenschip van de competitie en heeft een voorbeeldrol maar net daar vallen de meeste forfaits. Toeval, bezuinigingen genoodzaakt door de coronacrisis, het wegvallen van tickets voor het Europees ploegenkampioenschap, buitenlandse spelers die makkelijk en liever ergens anders kunnen spelen zonder mondmasker, ...? Ik heb er het raden na. In elk geval het aantal forfaits kan niet enkel worden verklaard met de 20% minder leden tijdens het voorbije jaar. Trouwens spelers die in het seizoen 2019-2020 aangesloten waren mochten meespelen zelfs als ze nu niet meer aangesloten zijn.

Bovendien ook in gewone tijden zijn er spelers die uitvallen waardoor (bijna) alle ploegen/ clubs meerdere reserves hebben die kunnen invallen. Zo kan je zien dat ik zelf niet meespeelde bij Deurne maar de eerste ploeg tot mijn verwondering gisteren toch volledig was zonder gebruik te maken van spelers uit andere ploegen. M.a.w. het lijkt mij zeer duidelijk dat het aantal forfaits absoluut niet enkel overmacht is. Integendeel de meeste zijn zonder twijfel bewuste keuzes geweest. 

Alhoewel mijn afwezigheid niet leidde tot een forfait, was dit ook een bewuste keuze en zeker geen overmacht (ik ben gaan wandelen met mijn echtgenote). Zolang de mondmaskerplicht niet 100% afgeschaft is, speel ik niet mee en ik hoor van verscheidene kanten dat ik niet de enige ben die er zo over nadenkt. Nu ik snap echt wel het nut van die mondmaskers maar plezier hebben met het schaken en mondmaskers dat lukt voor mij niet. Ik heb de Belgische interclub in tegenstelling tot de winkel of het werk niet nodig.

Ik eis in dit artikel evenmin om de mondmaskerplicht af te schaffen en dus dat schakers risico's moeten nemen. Trouwens er zijn ook nog altijd schakers die zelfs mondmaskerplicht onvoldoende veilig vinden en dus het onzinnig vinden om uberhaupt nu te schaken of bijkomende strengere maatregelen eisen. Uiteindelijk komt het grotendeels aan op keuzes maken en dat is uiteraard iets waarin wij helemaal niet goed in zijn. We leven in een zeer sterk versnipperd (schaak-)land. Ik was bijgevolg dan ook niet verwonderd dat de hete aardappel betreffende covid naar de clubs werd doorgeschoven. 

Het gevolg is een spaghetti aan covid-regels zelfs als we enkel kijken naar de Vlaamse clubs. In sommige clubs is het mondmasker dragen ten alle tijde verplicht. Voor andere moet je het enkel dragen als je tegenstander het eist. Weer een andere moet je het dan dragen als je niet volledig gevaccineerd bent. Tenslotte vermoed ik ook dat er wel enkele zijn die het mondmasker verbannen hebben maar dit liever niet aan de grote klok hangen.

Ik heb in de voorbije 24 jaar welgeteld 9 interclubwedstrijden gemist. Dat is 9 op 262 of 97% actief meegespeeld. 3 door examens voor mijn studies ingenieur. 3 door de geboorte van mijn zoon. Eentje omdat ik een overlapping had met de Franse interclub waar veel meer op het spel stond. 1 omdat ik een communiefeest van mijn neefje niet kon/wou negeren en tenslotte 1 partij doordat ik mijn zoon begeleidde in Open Le Touquet. Wie doet beter? 
Ik ben dus voor een stuk meubilair in de Belgische interclub maar iedereen is vervangbaar. Als een minimum aan spelcomfort niet kan worden gegarandeerd dan hoeft het niet meer voor mij. Voor kwantiteit i.p.v. kwaliteit is er online schaken. Nu ik zoek alternatieven want schaken doe ik nog te graag. In heel wat landen kiest men voor een meer relaxe covid-regelgeving en met mijn auto geraak ik er veelal zonder problemen.

Brabo

woensdag 25 augustus 2021

Gekke materiaalverhoudingen deel 3

Als ik naar de laatste elolijsten kijk dan merk ik op dat er voor heel veel schakers al anderhalf jaar geen enkele update meer is geweest. Dan spreken we niet enkel over de modale clubschakers maar zelfs over Belgische toppers zoals grootmeesters Bart Michiels, Luc Winants en internationaal meesters Stefan Docx, Bruno Laurent .... Tijdens het voorbije Belgisch kampioenschap te Brugge ging de grap rond dat de kersverse kampioen en grootmeester Daniel Dardha afgelopen jaar meer partijen had gespeeld dan zijn 9 concurrenten samen.

Schaken aan een fysiek bord is geen evidentie in covid-tijden. Meer nog velen vinden het een gebrek aan respect voor de medemens. Na het posten op de blog van mijn Tsjechisch avontuur vorig jaar zie the chess microbe part 3 reageerde een schaker dat ik zeker niet trots moest zijn en dat ik het leven van andere in gevaar heb gebracht. Schaken is een spelletje en het is absurd volgens hem om daarvoor risico's te nemen.

Dus ik vermoed dat veel (ex-) schakers er vandaag zo over nadenken. Het leven is te waardevol om het minste risico te nemen voor een spelletje. Echter we zien ook vandaag dat steeds meer mensen het beu zijn om alle leuke (risico-) activiteiten on hold te zetten tot het virus definitief verdwenen is. Men realiseert zich ook steeds meer dat dit virus nog jaren zal rond blijven hangen en dat zorgt ervoor dat sommigen langer wachten niet meer persoonlijk nog als aanvaardbaar beschouwen.

Alhoewel dus nog een groot aantal spelers niet bereid is om opnieuw te beginnen schaken aan een bord, starten steeds meer clubs weer met hun activiteiten. Het aanbod blijft beperkt en vaak nog met allerlei bijkomende vervelende covid-regels maar velen vinden het nog steeds 100 keer beter dan online schaken. Ik merk dit duidelijk op in de Belgische online schaakclub waar de leden op zeer korte tijd massaal afgehaakt hebben. Eind dit jaar sluit ik de site wellicht helemaal want ik zie dit niet meer terugkeren (tenminste niet in de huidige vorm).

Ook topspelers hebben de buik vol van het online schaken en snakken naar echte potjes aan een fysiek bord. Ook voor hen is het aanbod echter nog beperkt waardoor ik wel begrip kon opbrengen dat de regerende wereldkampioen Magnus Carlsen de kandidaten-selectie in de war stuurde met zijn deelname aan de wereldbeker in Sochi. Hij won het tornooi niet maar je zag dat hij enorm genoot van opnieuw te kunnen schaken aan een bord. Behalve een mooie ratingwinst speelde Magnus met bijzonder veel creativiteit en goesting. Meerdere partijen van hem zijn de moeite om na te spelen maar ik wou in dit artikel eens inzoomen in zijn eerste partij van de kwartfinale tegen de sterke Franse grootmeester Etienne Bacrot. Verscheidene commentatoren waren verrast toen Magnus plots zijn dame offerde.
Het dame-offer was zeker niet verplicht maar Magnus voelde goed aan dat het heel lastig voor wit zou zijn om te verdedigen. Dit soort positionele dame-offers zijn heel raar. De sterke Amerikaanse grootmeester Daniel Naroditsky bestempelde ze in een artikel op chess.com als de zwarte kaviaar in het schaken. Op het internet kon ik enkele verzamelingen ervan terugvinden: chesscollection en top 10 queen sacrifices.

Ik vermoed in blitz heb ik wel eens per ongeluk mijn dame geofferd waarvoor ik dan nog voldoende compensatie vond maar tot voor kort had ik zelf nog niet eerder op een mooi origineel voorbeeld gestoten. Tot voor kort want tijdens een update van mijn analyses op de Dubov-variant van het Italiaans ontdekte ik een wondermooi positioneel dame-offer zie hieronder.
De populariteit van die Dubov-variant was van korte duur zoals ik al voorspelde in mijn artikel mode deel 3 want ik ben het nog nauwelijks tegengekomen de laatste maanden online. Tezelfdertijd waarschuwde ik al voor een enkeling die het toch eens zou proberen als verrassingswapen. Verrast was ik dus niet toen ik het recent nog een keertje voorgeschoteld kreeg maar wel dat mijn eerder aanbevolen weerlegging niet werkte. De variant blijkt veel rijker te zijn dat ik eerder had gedacht. Het positioneel dame-offer in misschien wel de meest kritieke lijn was een heel leuke ontdekking tijdens het analyseren.

Brabo

dinsdag 3 augustus 2021

Voorwaarts

Vandaag is het dankzij de computer veelal kinderspel geworden om snel en vrij accuraat een oordeel te verkrijgen van een stelling. Je eigen partijen analyseren is dan ook vaak een pijnlijke gewaarwording van de eigen tekortkomingen. Waarom heb ik dat niet gezien? Zelfs de beste schakers buigen meewarig het hoofd voor de sterkste schaakprogramma's.

Voor beginnende schakers is het dan ook lastig werken met de computer. Bijna elke zet is een fout. Hoe kan je daar nu lessen uittrekken? Men wordt gefrustreerd en het is dan ook heel begrijpelijk dat velen kiezen om super voorzichtige opstellingen te kiezen. Er wordt massaal teruggetrokken bij het minste gevaar die men denkt te zien.

Ik heb dit heel vaak opgemerkt de voorbije jaren bij mijn studenten of in de enkele hand en brein-sessies die ik speelde met enkele jonge kinderen. In mijn rol van coach heb ik altijd getracht om hen bij te brengen dat dit een foutieve ingesteldheid is. Ja door terugtrekken kan je langer stand houden en zal de computer minder grote fouten aanduiden. Echter men maakt zichzelf iets wijs door te denken dat je daarom beter schaakt. Uiteindelijk telt enkel het resultaat van de partij en die verbetert zeker niet door zo passief te spelen.

Telkens opnieuw riep ik vooruit in mijn lessen. Komaan niet verder talmen. Gooi die stukken naar voren. Ben je echt verplicht om dat stuk die aangevallen staat naar achteren te spelen? ... Kortom ik ben er zeker van dat je als coach hiermee een belangrijke positieve invloed kan hebben op iemands (prille) schaakcarriere. Trouwens sommige van mijn studenten zijn ondertussen zo goed geworden in het aanvallen dat zelfs ik als ex-coach niet meer veilig voor hen ben.

Ervaren schakers zal je dus zelden betrappen op passief spel. Het is voor hen een vanzelfsprekendheid om telkens te zoeken naar de meest actieve zetten. Zeker in blitz komt dit nog extra goed uit de verf. Tijd voor positioneel geschuif is er niet dus ontaardt er de meerderheid van de partijen in een tactisch knokfestijn waar de ene krachtzet na de andere uit de hoed wordt getoverd. Terugtrekken doe je dan ook slechts in uiterste nood wanneer je echt niet anders kunt.

Een logische volgende stap is dan ook in blitz om openingen te kiezen die rijk zijn aan taktiek. Dit laat vaak toe om heel snel punten te scoren tegen onwetende spelers. Sommigen gaan zelfs zo ver dat ze bewust dubieuze tot zelfs verloren stellingen spelen om hun tegenstander voetje te kunnen lichten. De weinige keren dat een tegenstander de lastige weerlegging kent of zeer uitzonderlijk vindt, beschouwen ze als collateral damage. Een mooi voorbeeld hiervan zijn o.a. openingen spelen waar succes afhangt van onnatuurlijk ogende terugtrekkende zetten i.p.v. voorwaarts te ontwikkelen. In het voorbije coronajaar heb ik er meerdere het revue zien passeren zoals wat te denken van onderstaande zijvariant in het Schots gambiet.
Eenmaal je 9...Pe7 kent of gevonden hebt, is het uit met de fun voor wit. Dit kende ik al vele jaren maar veel recenter ontdekte ik de kracht van een terugtrekkende zet in een hoofdvariant van het Lettisch gambiet (als we uberhaupt van hoofdvarianten kunnen spreken in deze zeer dubieuze opening).
Pas door de moderne schaakprogramma's heb ik 9. Pe3 leren kennen en appreciëren. In mijn laatste opening (een Scandinavische variant) die ik hier wil tonen zien we dit thema in zijn volle glorie. Niet alleen ligt de weerlegging opnieuw in een terugtrekkende zet maar ook het vervolg is allesbehalve evident. Zonder een grondige computeranalyse op voorhand lijkt het mij heel onwaarschijnlijk dat iemand de weerlegging speelt zelfs in een klassieke partij. Trouwens dan moet je het ook nog kunnen onthouden. Uit ervaring kan ik zeggen dat dit mij niet elke keer lukte.
De uitzondering bevestigt de regel geldt hier ook uiteraard. Voorwaarts schaken blijft een zeer nuttige algemene regel om nieuwe schakers aan te leren. Die uitzonderlijke situaties waar een terugtrekkende niet ontwikkelende zet beter is, kan men altijd makkelijk later in de eigen praktijk nog ontdekken.

Brabo

donderdag 22 juli 2021

Hybrid schaken deel 3

Van het oorspronkelijke optimisme dat we mits een paar maanden op ons tanden bijten verlost zouden zijn van het coronavirus blijft al lang niets meer over. Vandaag is iedereen het er over eens dat we er wellicht nog vele jaren mee zullen worstelen. Hierdoor klinkt de roep ook steeds luider bij de schakers om de clubs niet langer gesloten te houden. Het sabbatjaar is voorbij. Online schaken kon nooit het gemis van het clubschaak compenseren.

Voor veel schakers moet deze zomer dan ook de terugkeer naar het normaal van vroeger betekenen. Het zal voor velen weer wennen worden. Kan ik het spelletje nog na een jaar niet meer klassieke wedstrijden te hebben gespeeld? Het verwonderde mij dan ook niet dat het recente online klassieke tornooi georganiseerd door Mark Dechamps een record aantal deelnemers (75) bijeen bracht. Het was de ideale voorbereiding om de roest van inactiviteit af te schudden om in polepositie te staan voor de zomertornooien.

Ik was een van hen dus dacht ik dat het wel eens interessant kon zijn voor de lezers om te praten over mijn ervaringen met dit relatief nieuw formaat van competitieschaak. Wel dat is al een eerste discussiepunt. Kunnen we van competitieschaak spreken als er noch elo noch prijzen op het spel staan? In de laatste ronde gaven zomaar 16 spelers forfait. Dat is meer dan 20% en heb ik in open tornooien nooit eerder gezien. Er bestaat al jaren een tendens van een groeiend aantal forfaits en juni is zeker geen populaire schaakmaand maar ik krijg hier toch het gevoel dat vele deelnemers weinig of geen enkel belang hechten aan de resultaten.

De Belgische IM Tom Piceu kwam er openlijk voor uit dat hij meespeelde om zijn rekenvaardigheden opnieuw te activeren. Hij koos daarom opzettelijk voor openingen die hij niet kende om zo onmiddellijk op eigen kracht te moeten spelen. Dat dit niet bevorderlijk was voor de resultaten, nam hij erbij voor lief. Online schaken heeft hij nooit als serieus schaken beschouwt. Echter dat betekent niet dat alle deelnemers het hybrid schaaktornooi als een vrije training meespeelden. Velen namen de partijen wel serieus op en bereidden zichzelf voor op hun tegenstanders. Ikzelf behoorde bij die groep net als meerdere van mijn tegenstanders.

Dus ik speelde net als vele andere onze beste openingen uit ons repertoire. Daar we altijd ruim de tijd hadden om ons voor te bereiden op onze partijen, denk ik zelfs dat er af en toe soms beter werd voorbereid dan in klassieke bordcompetities. In elk geval zagen we tijdens het tornooi vooreerst de impact van het voorbije jaar online schaken. Het wordt duidelijk aanpassen en/ of wennen voor velen dat er zoveel partijtjes online nu kunnen worden geconsulteerd in de voorbereiding door onze tegenstanders. Zeker in de lagere eloregionen zie ik spelers hierdoor gefrustreerd raken want het is vaak voor het eerst dat er uberhaupt partijtjes van hen beschikbaar zijn voor de tegenstander om voor te bereiden.

In deel 1 had ik het al over de verschillen in speelmodus tussen bordschaken en hybridschaken. Dit wil ik hier nog aanvullen met enkele persoonlijke opmerkingen. Vooreerst ben ik blij dat ik op geen enkel moment de indruk had dat iemand heeft vals gespeeld in de editie waaraan ik heb deelgenomen. Dit is spijtig eerder uitzondering dan regel geworden. Geen prijzen, geen elo en vooral het feit dat we elkaar al jaren goed kennen vanuit het gewone circuit, speelt hierbij wellicht een rol. Desalniettemin geef ik toe dat ik af en toe toen mijn tegenstander lang nadacht toch even vieze gedachten kreeg van het zou toch niet (wat dan weer snel verdween toen de zetten op het bord kwamen).

De klok heb ik geen seconde gemist alhoewel ik hoor dat sommigen toch een echte schaakklok naast hun bord hebben geplaatst om het clubschaak nog beter te benaderen. Het lawaai en andere storende elementen eigen aan bordcompetities (zie o.a. schaakcomfort deel 1 en deel 2) heb ik evenmin gemist uiteraard. De eenzaamheid van thuis spelen vond ik draaglijk. Soms maakte ik een wandelingetje in het huis als ik naar mijn gevoel te lang moest wachten op een antwoord. Het enige echte minpunt vond ik dat ik telkens de zetten moest uitvoeren op 2 borden. Sommige deelnemers hadden een heel luxueuze opstelling zoals ik toonde in deel 2 maar ik behielp mij met een heel minimalistische opstelling zoals de foto hieronder toont.
Mijn zus heeft op die bureau 30 jaar geleden gestudeerd. Ik recycleerde die bureau maar ze is eigenlijk te klein om er hybrid op te schaken. Doordat je links niet je benen onder het bureau kunt schuiven, stootte ik geregeld stukken om toen ik een zet op het scherm kopieerde van het schaakbord. Echter het vervelendste was wanneer er minder dan 5 minuten resteerde op mijn klok. Het is dan praktisch niet meer haalbaar om de zetten te kopieren van het scherm naar klassiek bord en omgekeerd. Dus eenmaal onder de 5 minuten speelde ik de partij verder op het kleine scherm van mijn laptop zoals in de foto hierboven. Ik speelde in de laatste ronde 50 zetten op die wijze dus meer dan de helft van de partij.
In ronde 5 werd dit ongemak nog gecombineerd met een fatale biep door lichess. Ik heb ondertussen gezien dat je het kan uitschakelen maar als je onder de minuut zit, klinkt er standaard een luide waarschuwingspiep van lichess. Ik gaf pardoes een volle toren weg door de schok. Dat ik daarna niet direct verloor, was omdat ik ervoor huizenhoog gewonnen stond. Uiteindelijk haalde ik nog een halfje maar achteraf overheerste toch vooral teleurstelling.
Kortom mocht er een nieuwe editie komen van het hybrid schaaktornooi en ik neem opnieuw deel dan zal ik eerst een moderne bureau kopen met voldoende ruimte onderaan om de stoel makkelijk te verschuiven en voldoende ruimte bovenaan om op zijn minst een groot scherm te kunnen plaatsen. De vraag is natuurlijk komt er nog zulk tornooi.

Zo speelden de 2 dames in de A-reeks hun laatste partij van het oks gewoon zoals in de club op een klassiek schaakbord dus zonder gebruik te maken van computer en het internet. Ze wonen een kilometer van elkaar en dan is het een snel uitgemaakte zaak om af te stappen van het hybrid schaken. Dus ik zie de clubschakers die in de buurt gemakkelijk tegenstand vinden, heel snel het hybride schaak de rug keren. Voor +2200 spelers zoals mezelf zou hybrid schaken wel een oplossing kunnen bieden voor het niet eenvoudig vinden van interessante tegenstanders in de buurt. Alleen wie van hen wilt tijd spenderen aan het spelen van partijen online die niet meetellen voor elo/ prijzen terwijl dat op andere plaatsen wel weer kan. De meeste +2200 spelers zijn heel ambitieus waaronder op jacht naar normen.

Nu zoals ik het artikel begon, is corona nog bijlange niet voorbij. In de (Belgische) schaakwereld bestaat er geen consensus over hoe het verder moet zie o.a. de felle discussie momenteel die woedt op facebook in de groep Chess in Belgium. Ik vind dat de bond hier trouwens een veel duidelijker standpunt moet innemen t.o.v. het dragen van het mondmasker. Nu schuift men de verantwoordelijkheid af voor de keuze naar de clubs net of de 1,5 meter-regel op een standaard schaakbord met stauntonstukken afhankelijk is van de club.

Ik merk op dat sommige clubs nog steeds gesloten zijn wegens corona. Andere clubs hanteren heel strikte regels zoals op 2 borden spelen, mondmasker ten allen tijde verplicht,... Ik viel bijgevolg dan ook bijna van mijn stoel toen ik zag dat in het net afgelopen seniorentornooi te Gent de deelnemers zonder mondmasker en op 1 bord speelden. Zie jij een logica in al die diverse aanpakken? 1 ding is zeker en dat is dat een schaakwereld zoals voor corona nog niet voor morgen is en daardoor maakt hybrid schaken misschien toch weer een kans.

Brabo

zondag 11 juli 2021

Chess960

Schaken wordt vaak voorgesteld als een zuivere intellectuele krachtmeting tussen 2 individuen. Films en reclame gebruiken daarom maar al te graag schaken als een vehikel om een personage als intelligent voor te stellen. Ik vermoed dat dit voor de meesten onder ons schakers de belangrijkste drijfreden is geweest waarom we ooit met exact dit spel begonnen zijn. Die eerste overwinningen waren erg zoet. Eindelijk kon je bewijzen aan jezelf en anderen dat je meetelde.

Echter het duurt niet lang natuurlijk vooraleer deze illusie doorprikt wordt. Een directe link tussen schaken en intelligentie bestaat niet. Ervaring en kennis zijn veel meer bepalend voor iemands speelsterkte dan talent. Zo ontdekken we al heel snel dat sommige spelers een belangrijk voordeel bezitten door de openingen die ze kiezen. Daar wordt m.i. in de stappenmethode te weinig aandacht aan geschonken. Competitieschaak kan bijzonder pijnlijk  zijn als je niet de minste openingskennis hebt.

Dus al heel vroeg geraken veel schakers willens nillens in een wapenwedloop van openingen. Boeken en DVD's worden in het begin nog met enthousiasme aangeschaft maar dit blijft meestal niet duren. Moeheid treedt op en heel wat spelers geraken gefrustreerd na enkele jaren van competitieschaken door het uitzichtloze van altijd openingen te moeten bestuderen. Voor veel ex-competitieschakers was het een van de belangrijkste redenen om te stoppen met competitieschaak.

Je merkt dit aspect ook vaak duidelijk op in speelstijl tussen jeugd en volwassen schakers. De jeugd kiest vaker voor kritieke moderne openingen. Volwassenen daarentegen hebben zichzelf dikwijls omgeschoold naar kleinere onderhoudsvriendelijke openingen. Tenslotte heb je ook nog een heel kleine groep van spelers die elke openingstheorie probeert af te zweren. Zij zijn allergisch voor alles wat maar naar openingskennis ruikt en doen er alles aan om zo snel mogelijk de tegenstander te verplichten zelf na te denken.

Trouwens denk niet dat dit fenomeen iets nieuw is voor het computertijdperk. Ook lang voor computers goed konden schaken, had je al zulke schakers die de marge opzochten. 2 zulke pioniers: de Nederlandse IM Gerard Welling en de Engelse IM Michael Basman hebben onlangs in een nieuw inspirerend boek U cannot be serious! hun ervaringen neergepend met extreem onorthodoxe openingen die ze met succes getest hebben in de voorbije 40 jaar.
Ondertussen is er zelfs over de jaren een ware fanclub ontstaan rond hen. Ik vermoed dat daarom ook de tijd rijp was voor dit boek. Ook in België heb je fans zoals de Belgische expert Alain Talon die tegenwoordig veel van hun concepten gebruikt in zijn bordpraktijk.

Echter in het meeste recente online klassiek schaaktornooi toonde ik onrechtstreeks ook de limieten aan vandaag van dit soort onorthodoxe systemen te spelen. Ik vermoed tot 10 jaar geleden was het nog onmogelijk maar vandaag kan je met de sterkste programma's in slechts 15 minuutjes de meeste van die systemen weerleggen. Op -2 staan hoeft nog niet beslissend te zijn zelfs tegen een FM zoals ik maar ik kan moeilijk geloven dat het je eigen kansen niet zwaar hypothekeert. Dat was wat exact gebeurde in mijn eerste ronde partij tegen Alain na slechts 5 zetten in de opening! In onderstaande partij toont Stockfish in een zeer korte aanvalspartij aan hoe je dit wint tegen een topprogramma zoals Leela.
Kort na onze onderlinge partij kondigde Alain dan ook zijn terugtrekking aan uit het tornooi. Als zelfs zulke onorthodoxe openingen spelen niet meer helpt om openingsvoorbereidingen te vermijden dan is het schaken echt wel dood en begraven. Hij was zeer begrijpelijk zwaar teleurgesteld. Trouwens misschien vragen lezers zich af hoe ik uberhaupt op zulke opening was voorbereid. Nee ik had het boek niet gelezen dat bovendien net na onze partij pas commercieel verkrijgbaar was. De Belgische FM Frederic Decoster schrijft het perfect in zijn verslag over onze onderlinge partij gespeeld in de 6de ronde van hetzelfde tornooi: "Speel nooit iets tegen Brabo wat je ooit al eerder op het bord heb gehad. Noch otb, noch online". Met dat laatste had Alain duidelijk geen of onvoldoende rekening gehouden want ik had volgende online partijtje van 2019 van hem gevonden.
Mijn online initiatieven zijn gefaald maar ik snap dus ook wel waarom. Er blijft gewoon te veel plakken online dat tegen je gebruikt kan worden zelfs na het verwijderen van de accounts. Het is geen toeval dat van de 4 spelers die lager gekwoteerd waren dan ikzelf in het oks ik telkens mijn voorbereiding gebaseerd op hun online gespeelde partijen kon gebruiken. De 3 tegenstanders die hoger gekwoteerd waren dan ikzelf in het oks zorgden er telkens voor dat ik dit niet kon.

We wijken af want dit artikel gaat over of het nog mogelijk is om te schaken zoals vroege jaren 1800 dus zonder dat men voorkennis van openingen hoeft te vrezen. Mijn verhaal bewijst in elk geval dat van zodra je iets een 2de keer speelt dat je al kwetsbaar wordt voor voorbereidingen gewoon omdat de computer te makkelijk kan helpen. Dus originaliteit moet vandaag steeds gepaard gaan met verrassing en dan vind ik de methode van de Nederlandse FM Siem Van Dael interessanter. Hij startte een aantal klassieke partijen met een random-zet om daarna snel over te schakelen op gewoon normaal ontwikkelen.
Vorig jaar won hij zelfs met deze opzienbarende aanpak een tornooi zie Siem Van Dael unorthodox openings lead to success. Door telkens een andere random zet te kiezen, werd het voor de tegenstanders onmogelijk om voor te bereiden maar ik merk wel op dat hij vaak eerst slecht stond in de opening vooraleer hij later in de partij vaak met wat geluk het tij kon keren. Bovendien is het ook veel lastiger om dit toe te passen met zwart. Niet verwonderlijk is Siem recent weer meer mainstream beginnen spelen. Het lijkt mij weinig aantrekkelijk om jezelf met zulk nadeel op te zadelen enkel en alleen omdat je niet van openingen houdt.

Tja en waarom dan niet chess960/ fischer random? De roep klinkt elk jaar luider maar verschuivingen blijven achterwege. Alle zomertornooien dit jaar zijn opnieuw gewoon normaal schaken. Op Lichess is chess960 nog steeds een zeer kleine niche (minder dan 0,5% van alle partijen). Ik kan alleen maar concluderen dat we niet klaar zijn om honderden jaren openingen weg te smijten.

Tenslotte kan je jezelf ook afvragen of je met chess960 echt wel voorkennis in openingen volledig zal kunnen elimineren. De zonet gelanceerde nieuwe versie stockfish 14 heeft volgens eigen zeggen een grote sprong gemaakt in speelsterkte specifiek voor chess960. Ik bedoel de tool staat al klaar om ook voor Fischer Random openingen te ontleden in een mum van tijd op een waanzinnig hoog niveau.

Brabo