woensdag 9 mei 2012

Afbreken

Het naspelen van het eindspel Timman - Velimirovic, vermeld in mijn blogartikel 'Eindspelen met een kwaliteit meer' herinnerde mij aan de vergane gloriedagen van het afbreken. De huidige fidereglementen laten afbreken nog toe maar ik ken geen tornooien meer die het afbreken toepassen (alhoewel ik wel gehoord heb op fora dat het in bepaalde landen nog in een zeldzaam tornooi terug te vinden is). 

Tot 1996 werd het afbreken in een wereldkampioenschap schaken nog toegepast maar de steeds grotere invloed van de computers en van de financiële wereld (waardoor aan tijd veel meer belang werd gehecht) leidde tot het langzaam verdwijnen van het aspect afbreken. Dit leidde uiteraard tot kwaliteitsverlies van het spel waardoor soms nu verkeerdelijk wordt afgeleid dat dit te maken heeft met de eloinflatie. Persoonlijk geloof ik niet dat een eindspel van de moeilijkheidsgraad zoals Timman - Velimirovic vandaag nog correct  op het bord kan worden uitgespeeld door om het even welke topgrootmeester (zonder het toevallig op voorhand al eens in detail bekeken te hebben) met het huidige tempo wat vaak niet meer is dan 30 seconden per zet in het eindspel.

Vandaag is bordschaak veel meer een sport geworden dan vroeger toen wetenschappelijke correctheid en artistieke expressie een grotere rol speelden. Alhoewel ik altijd analyse en kunst belangrijk vond in het schaken, meen ik toch dat het de juiste keuze was om het pad van afbreken te verlaten. Niet dat ik iets tegen afbreken heb, integendeel want ik vond het altijd heel spannend om thuis alles in het kleinste detail te analyseren maar wel omdat de massa dreigde af te haken als afbreken mogelijk zou blijven waardoor het competitief bordschaak op zich onder druk zou komen te staan. Correspondentieschaak is er niet in geslaagd om de invloed van de computer te beperken op de competities waardoor in een 20 jaar meer dan 90% van de leden in België maar ook in andere westerse landen is afgehaakt.

Zelf ben ik net oud genoeg om nog de laatste stuiptrekkingen van het aspect afbreken in België te hebben meegemaakt. België is altijd erg traag geweest om internationale tendensen over te nemen. Mijn persoonlijk belangrijkste ervaringen met het afbreken, zal ik hieronder kort bespreken te beginnen in 1999 wanneer de schaakprogramma's op gewone computers een meesterniveau begonnen te halen maar uiteraard nog ver onder het huidige niveau van de topprogramma's. Ik schat dat ze een sterkte haalden in het eindspel van maximum 2500 elo. De Zilveren Toren (interclub voor clubs in de provincie Antwerpen) liet toen nog als 1 van de zeldzame Belgische tornooien toe om af te breken waarvan ik gretig gebruik maakte daar ik mij als gedreven correspondentiespeler hierin erg sterk achtte.
Een sterk staaltje van huisanalyse leverde ik tegen Mathias De Wachter.
In 2002 maakt ik opnieuw succesvol gebruik van de mogelijkheid om af te breken in een tricky toreneindspel, zie:
Er is nog een apart verhaal bij deze afgebroken stelling die niet vermeld staat in de commentaren. Geert noch mijzelf hadden weinig zin om de partij nog verder te zetten (Geert speelde toen voor Temse als betaalde speler maar zelfs een thuiswedstrijd was nog altijd een serieuze verplaatsing). Echter hij wou niet zomaar het halfje cadeau doen, zeker omdat de afgegeven zet besliste over het resultaat en die was allesbehalve evident. Uiteindelijk kwamen we tot een eigenzinnige (wellicht illegale) oplossing om verder spelen te vermijden. Als Tb8 uit de omslag zou komen, zou er remise automatisch worden gegeven terwijl bij een andere zet zou de partij worden verloren verklaard voor mij en dit zonder dat 1 van de spelers aanwezig zou zijn bij het openen van de omslag. Na Tb8 was het mits een beetje voorbereiden vrij gemakkelijk om remise te halen. 

1 keer liep ik tegen de lamp met het kiezen voor het afbreken. Ik stond tegen Filipek al lang slecht in de partij en koos dus aanvankelijk bewust niet voor het afbreken daar hij thuis zonder twijfel met de computer een winst zou kunnen uitdokteren. Filipek koos evenmin om af te breken omdat hij geen zin had om op verplaatsing het slot van de partij (wellicht onbetaald) verder af te werken en dacht tevens wellicht dat hij zo wel de klus zou kunnen klaren. Dit gebeurde echter niet na enkele slordigheden want het eindspel werd plots nog razend scherp. Om 1u 30 's nachts dacht ik dat de bordjes verhangen waren en prompt brak ik af. 
Ik had uiteraard moeten doorspelen want de mat in 6 is niet evident zeker om 1u30 's nachts met beperkte tijd resterend op de klok en dat terwijl wits spel vrij duidelijk is. Ik veronderstel dat de vermoeidheid ook wel een rol zal gespeeld hebben met het maken van deze fatale strategische keuze.

Het stopzetten van het afbreken in de Zilveren Toren gebeurde na mijn erg besproken partij tegen de Belgische IM, Eddy Van Beers. Het hele gedoe rond een faire locatie en datum voor de voortzetting plus mijn meer dan doorgedreven huiswerk, deed de druppel overlopen voor de mensen in het kamp tegen het afbreken.
In het clubkampioenschap van Deurne liet men afbreken aanvankelijk nog toe maar ook hier zorgde ik voor de spreekwoordelijke druppel om afbreken te verbannen.
In 2007 speelde ik voor het eerst het Deurnse clubkampioenschap mee en won het met de perfecte score van 9/9. Alhoewel de huisanalyse volgens mij niet voor een beslissend voordeel heeft gezorgd, werd het wel algemeen aangenomen dat de strijd (tussen Robert, die voornamelijk zonder computer werkte en mijzelf die erg intensief werkte en ervaren was met de computer) oneerlijk en zelfs competitievervalsend was. Het jaar erop werd ook in het laatste elogekwoteerde Belgische tornooi (tenzij ik iets over het hoofd zie) het afbreken verbannen. Dat kostte mij in het volgend kampioenschap een vol punt maar een andere keuze hadden de organisatoren gezien de historie begrijpelijk niet meer.

Brabo

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen