woensdag 15 februari 2017

Anoniem

Apple, google, microsoft, coca cola,.... zijn merken die we allemaal kennen. Echter velen zijn zich nauwelijks bewust dat hun eigen naam ook een merk is. Zonder dat we het zelf willen, krijgt ieder van ons een etiquette opgeplakt en daarin speelt het internet een belangrijke rol. Alles wat er ooit over ons geschreven werd, wordt bewaard vaak voor zeer lange tijd. Het is onvermijdelijk dat er iemand deze info te pas of onpas ook gebruikt.

Zo herinner ik mij dat ik op een sollicitatiegesprek eens de vraag kreeg welke schaakopening ik het liefst speelde. Dit was nog voor ik begon met deze blog. De vraag verraste mij want ik had niets over het schaken geschreven in mijn CV en ik had er evenmin iets eerder over verteld tijdens het gesprek. Een HR-recruiter had mij ooit eens gezegd dat ik beter niet zei dat ik schaakte omdat ik er te veel tijd aan spendeerde wat een belangrijk minpunt is. Een werknemer die niet beschikbaar is in zijn vrije tijd om over te werken door het intensief schaken, is natuurlijk veel minder interessant om aan te werven.

Het internet had mij uiteraard de das om gedaan want je kan mijn naam met een simpele google terugvinden in talloze tornooi-deelnames. Anderzijds betwijfel ik sterk dat dit aspect een doorslaggevende rol speelde in het interview. Trouwens ik vermoed dat er ook werkgevers zijn die iets zien in de kwaliteiten van een betere schaker (FM, IM, GM) voor hun bedrijf. Alles hangt af natuurlijk van de branche maar het is geen toeval dat veel grote merken proberen topsporters te binden.

Het spreekt voor zich dat een schaaktitel vooral telt in de schaakwereld. Sterke spelers zijn een magneet om andere spelers (lees betalende klanten) aan te trekken dus bieden veel schaakorganisaties gratis lidmaatschap aan deze sterke spelers. Zo kan je op chess.com op deze link gratis diamant-lidmaatschap krijgen als je een een fide-titel hebt. Op ICC krijg je pas een gratis account vanaf de IM-titel en ik meen dat dezelfde regel ook telt voor Playchess. Een bijkomende voorwaarde voor de gratis account is natuurlijk dat je jouw anonimiteit opgeeft. Je kan geen spelers lokken als getitelde speler als de identiteit niet kan worden geverifieerd.

Persoonlijk vind ik dat een getitelde speler verslaan altijd een extra kick geeft. De voorbije jaren speelde ik o.a. tegen GMs Gennadi Sosonko, Max Illingworth, Imre Balog, Dmitry Kokarev, Mohmamed Haddouche, John Shaw, Lev Gutman, Viktor Gavrikov.... op playchess. Aan de laatste in de rij hangt er een lugubere anekdote want 2 maanden nadat we een paar partijtjes speelden, overleed hij (zie chessbase). 1 van de 2 partijtjes slaagde ik erin te winnen maar ik had er een grote konijnenpoot voor nodig zie hieronder.

Het zalige aan spelen op Playchess is voor mij dat alle partijtjes automatisch in een database worden opgeslagen die ik met een paar simpele klikken kan consulteren tijdens het studeren van openingen. Echter dit is niet het enige voordeel van de database. Ook in de voorbereiding komt het soms van pas. Sommige online spelers kom je in levende lijve in een tornooi tegen. Zo speelde ik 2014 een korte match tegen Littlefinger. De laatste partij verloor ik in de Rauzer.

Op het profiel van Littlefinger kan je de naam Frederic Decoster terugvinden en dit herinnerde ik mij nog toen ik tegen hem laatst in Open Leuven moest spelen. De Rauzervariant herhaalde ik in mijn voorbereiding en daarnaast keek ik zelfs ook nog vluchtig naar enkele nevenvarianten. Maximaal kon ik echter niet profiteren van deze informatie wegens tijdsgebrek.

Online spelen met een open profiel maakt je dus kwetsbaarder in de bordpraktijk. Het is daarom niet zomaar dat heel wat topspelers naast een officiële account ook geheime accounts hebben. Zo bestaat er een leuke anekdote over Kasparov en Svidler die online blitz speelden als voorbereiding op hun onderlinge blitzmatch maar aanvankelijk niet wisten van elkaar dat ze elkander als sparringpartner hadden uitgekozen, zie chessclub.

In mijn artikel paswoord ijverde ik voor meer openheid bij het publiceren van partijen om het schaken te promoten. Anderzijds denk ik dat je in online schaak beter kiest voor anonimiteit. De partijtjes zijn (bijna) uitsluitend blitz of bullet dus hebben weinig of geen publicatiewaarde. Daarnaast loopt het aantal online partijtjes al snel op zodat tegenstanders een vrij goed beeld kunnen vormen van je repertoire. Vandaag telt mijn persoonlijke database bijna 60.000 online partijtjes dus bijna elke mogelijke variant van mijn repertoire met enige bekendheid kwam al aan bod.

Brabo

2 opmerkingen:

  1. In Nederland zijn we niet bekend met jouw Konijnenpoot uitdrukking. Waar staat die beeldspraak voor?

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Konijnenpoot staat voor geluksbrenger. De uitdrukking wordt in België af en toe nog gebruikt. Een artikeltje met meer uitleg hierover is http://mens-en-samenleving.infonu.nl/diversen/31447-konijnenpootje-voor-geluk.html
      Anderzijds ben ik absoluut niet bijgelovig. Dit kwam trouwens aan bod in mijn artikel http://schaken-brabo.blogspot.be/2014/02/de-gelukzak.html

      Verwijderen