maandag 16 mei 2016

Ashote Draftian is Vlaams kampioen

Het karige prijzengeld in het recent Vlaams kampioenschap zal zeker een rol gespeeld hebben in de complete afwezigheid van de toppers. Echter dit verklaart niet waarom de hoogste elo (Arben Dardha) slechts 31ste staat op de huidige Belgische elolijst. Op misschien 1 of 2 uitzonderingen na zijn we in Vlaanderen allemaal amateurs dus dan is geld sowieso minder belangrijk. Dat er weinig plaatsen op elo in de hoofdgroep beschikbaar zijn, is wellicht meer doorslaggevend. Enerzijds krijg je door de rechtstreeks afgevaardigden van de Liga's onmiddellijk een minder sterk deelnemersveld. Vele Liga's hebben een zeer bescheiden competitie om de afgevaardigden te selecteren. Anderzijds heb je zonder afvaardiging van de Liga als +2300 speler geen zekerheid over een plaats in de hoofdgroep waardoor het lastig is om 4 dagen vooraf in te plannen.

Nu ik had zelfs willen spelen in de open groep daar de goesting erg groot was om te spelen. Spijtig moest ik vaststellen dat vrouw en kinderen minder enthousiast waren. Ze hadden natuurlijk ook gelijk dat het nogal egoïstisch zou zijn om hun 4 dagen alleen te laten met de talloze klusjes thuis. Ik vermoed dat vele schakers soortgelijke prioriteiten moeten maken. Gelukkig zie ik voor mijzelf beterschap in de toekomst want als mijn zoon wedstrijden zal beginnen spelen dan zal ik zeker hiervan trachten te profiteren om ook zelf weer meer te spelen. Ik zag trouwens dat de tienjarige Arne Nemegeer  een knap debuut maakte met 2,5/7 in het Open kampioenschap.

Ashote Draftian profiteerde optimaal van de omstandigheden en stond uiteindelijk van begin tot einde aan de leiding. De overwinning van de 60'er met Armeense roots was geen grote verrassing want enkele jaren geleden behaalde hij nog een rating van net geen 2400 elo. Jan RoozeMarcel Van Herck, ... kwamen al eerder aan bod op deze blog waaruit blijkt dat leeftijd geen obstakel hoeft te zijn om in België mee te spelen aan de top. Het verschil met de wereldtop is erg groot want daarin vind je geen enkele +50 speler.  Onze Belgische top 100 ranglijst bevat daarentegen 26 +50 spelers. Het toont nogmaals aan hoe ver onze jeugdbegeleiding achterop hinkt t.o.v. vele andere landen.

Ashote is een vreemde eend in het Belgisch schaak. Zoals al vermeld in een blogartikel van 2012 openen met de f pion is hij de enige Belgische +2300 speler die 1.f4 geregeld speelt. In dit Vlaams kampioenschap gebruikte hij het 3 op de 4 witpartijen. Echter het meest opvallende hierbij is dat hij ondanks een enorm aantal gespeelde partijen met deze opening vandaag nog steeds meestal geen enkel voordeeltje kan bereiken of zelfs gewoon minder staat in het middenspel.

Het is geen verrassing natuurlijk dat het Hollands ook in zijn zwartrepertoire zit. Beter gaat het met zwart evenmin want hij komt er geregeld mee in serieuze problemen. Zo schrijft theunknownonex op het Callabosforum dat hij een fantastische stelling had opgebouwd in ronde 3 tegen Draftian. Ik ben akkoord met die beoordeling maar in vergelijking met Ashotes andere zwartpartijen was dit zijn minst slechte stelling!! Op e4 speelt hij de laatste jaren meestal een Kan (Paulsen) zonder op de hoogte te zijn van enige theoretische kennis met als gevolg dat hij wel heel vaak met groot nadeel uit de opening komt.

Uiteindelijk als we zijn 7 partijen van het Vlaams kampioenschap overlopen dan kunnen we alleen maar sprakeloos zijn over hoe het mogelijk was dat Ashote geen partijen heeft verloren, laat staan als enige met 5,5/7 het tornooi won. 1,21 punten nadeel op zet 20 met zwart in de eerste partij; 0,94 punten nadeel op zet 14 met wit in de 2de partij; 0,57 punten nadeel op zet 18 met zwart in de 3de; 0,29 punten nadeel op zet 13 met wit in de 4de; 6,75 punten nadeel op zet 37 met wit in de 5de; 0,98 punten nadeel op zet 12 met zwart in de 6de en zelfs in de salonremise van de laatste ronde staat hij in de slotstelling met wit al 0,16 in het nadeel. De evaluaties komen van Stockfish 7 (momenteel weer strijdend met Komodo voor de officieuze wereldtitel in een nieuw tcec-seizoen) na een minuut rekenen in de stellingen.

Op schaakfabriek wordt gezegd dat Ashote met dominant schaak won maar de evaluaties van de diverse stellingen spreken dit dus compleet tegen. Of misschien keek Jan enkel naar het spel dat Ashote daarna op het bord liet tonen. Keer op keer slaagde hij erin met superieur veelal tactisch schaak het nadeel te neutraliseren en zelfs geregeld het volle punt te scoren. Ik vermoed dat Rein compleet van de kaart moet geweest zijn na het drama in ronde 5. Ik ben al voor veel minder compleet gebroken geweest.

Toeval allemaal zullen sommigen denken. Misschien maar in mijn 2 standaardpartijen met Ashote overkwam mij 2 keer hetzelfde scenario. Groot voordeel na de opening: 0,82 op zet 15 in de 1ste ontmoeting en 0,83 op zet 12 in de 2de ontmoeting en ik scoorde slechts 0,5/2. De verliespartij kwam al aan bod in mijn blogartikel einstellung effect. De remise kwam pas tot stand toen ik ontsnapte dankzij het beter kennen van de wedstrijdreglementen.

Ashote beschikt over een repertoire waarvan hij weet dat hij geen directe k.o. moet vrezen maar mist de serieuze theoretische openingskennis die je zou verwachten bij een +2300 speler. Partijen voorbereiden, reglementen bestuderen,.. zijn evenmin aan hem besteed. Hij speelt puur idealistisch schaak dus op eigen kracht zoals lang geleden in de vorige eeuw doodnormaal was. Het siert hem maar ik stel mij daarbij wel de vraag hoe sterk hij zou kunnen zijn indien hij wel naast het bord zou werken aan het schaken. Ik heb een sterk vermoeden dat internationaal meester of zelfs hoger bereikbaar is.

Brabo

8 opmerkingen:

  1. Goed artikel over een interessante schaker Brabo. Leuke partijen en commentaar.
    Het niet kunnen schaken wegens relationele beslommeringen is voor mij ook wel herkenbaar. Compromissen, ze doen soms pijn.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Vandaag botste ik toevallig op een verslag van de Europese Schaakunie:
    http://www.europechess.org/wp-content/uploads/2016/04/Intitial-Findings-from-the-ECU-Survey-on-Chess-in-Schools-Final.pdf
    De conclusie was hard voor België. België is de laatste van de klas in EU.
    Er zijn geen subsidies van de overheid voor het schaken.
    Er bestaat geen officieel curriculum voor de schaaklessen.
    De federatie organiseert geen schaaklessen noch ondersteunt ze financieel.
    Er zijn geen subsidies voor het ondersteunen van toptalenten.
    Schaken is niet erkend als sport.

    Tja geen wonder dat we dus achterop hinken in België ondanks de vele kleinschalige initiatieven ten spijt.

    Ik zoek trouwens ook nog een nieuwe club voor mijn zoon om jeugdlessen te volgen. Na 3 jaartjes in Deurne (sinds oktober 2013) krijg ik de indruk dat we aan de limiet zitten van wat de lessen hem nog kunnen bijbrengen. Hij leert natuurlijk het meest van mijzelf maar de jeugdlessen vind ik een belangrijke aanvulling al is het maar om andere jeugdspelers te ontmoeten. Voorstellen zijn welkom voor volgend seizoen !

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Mooi artikel. Na het volgen van vele partijen leek het me ook dat Draftian zeker geen "dominant schaak" speelde. Zowel tegen Rein, Adrian als Arno leek hij me een slechtere stelling te hebben.

    Proficiat ook aan Arno Bomans en Lennert Lenaerts voor plaats 2 & 3 (wat een deelname voor de expertengroep betekent?)

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Tja, elk vogeltje zingt zoals het gebekt is. Dat dhr Draftian geen power play speelt, maar vertrouwen heeft in zijn systeempjes die hem een sweet ride zonder openingsvallen bezorgt naar het middenspel, so what? Als hij kampioen speelt door uit zes mindere stellingen (en één meevaller) 5,5/7 te scoren, heeft hij vooral bewezen dat het in schaken om stellingsbegrip gaat, en dat hij de betere schaker was toen het erop aankwam.
    Dat hij geen ambitie heeft om meer elopunten of een titel te halen, tja, misschien vindt hij spelplezier belangrijker dan dagelijks het repertoire op punt te houden. Tenslotte, een openingsvoordeel na 15 zetten levert niet veel op. In zijn prima boek "Winning Chess Middlegames" geeft Sokolov de volgende anekdote: Karpov wint met zwart een Spaanse partij, waarin hij tegen een IM minder staat na de opening. Zijn tegenstander tijdens de analyse: "Hier, na de opening, staat u duidelijk minder". Waarop Karpov: "Yes, but soon I was better". Gaat het daar niet om?

    BeantwoordenVerwijderen
  5. In Kasparovs analyses van 1 van zijn wedstrijden met Karpov toont hij haarfijn aan hoe er een winst voor hem verborgen zat. Later las ik dat Karpov had geantwoord dat hij de stelling nooit zou kunnen verliezen maar een weerlegging van de analyses toonde hij nooit. Tja Karpov heeft natuurlijk ook een punt door te stellen dat je aan het bord niet over zulke analyses kunt beschikken en het dus vijgen na pasen is om een winst te bewijzen wanneer je de partij niet hebt kunnen winnen.

    Anderzijds herinneren we natuurlijk ook de memorable partij Karpov - Miles: http://www.chessgames.com/perl/chessgame?gid=1068157 waarin het Karpov was die hulpeloos lijkt zonder zijn theorie.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. "Gaat het daar niet om?" Ik lees momenteel het boek "Chess for Life" van Matthew Sadler en Natasha Regan. De eerste hoofdstukken kunnen mij nog niet echt bekoren maar wat mij wel opvalt is dat iedereen wel zijn eigen middeltjes heeft (ontwikkeld) om van het schaken te blijven houden. M.a.w. ik meen dat er vele diverse wijzen zijn om van het schaken te houden. Ieder moet voor zichzelf bepalen wat hij belangrijk vindt.

    Ik ben er wel vrij zeker van dat Draftians wijze van schaken een stuk relaxer moet zijn dan bij spelers zoals ikzelf die uren vooraf spenderen aan voorbereidingen en achteraf nog uren de gespeelde partijen analyseren.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Ik was jaren clubgenoot van Ashote en wat je beschrijft klopt grotendeels. Hij heeft lak aan ellenlange theorie en verkiest, zoals ikzelf, vaak om het man tegen man gevecht aan te gaan. Andere spelers blinken blijkbaar uit in het afratelen van gekende openingstheorie opgepikt van de schaakgrootheden, terwijl hij zijn eigen spel ontwikkelt. Intrinsiek is hij dus voor mij de betere speler. Wat mij wel opviel is dat hij nu veel beter omgaat met zijn tijdsindeling. Vroeger kwam hij steevast in problematische tijdnood. Nog meer dan 20 zetten moeten uitvoeren in minder dan 2 minuten waren tijdens onze interclubwedstrijden eerder de regel dan de uitzondering.

    BeantwoordenVerwijderen