donderdag 18 april 2013

Copycats

Minder ervaren spelers vond ik in mijn blogartikeltje ambities een respectvolle en eerlijke woordkeuze. De stelregel dat het 10.000 uren duurt om een bepaalde materie op een zeker meesterniveau te beheersen is wel bekend. De reden waarom het zo lang duurt, moet gezocht worden in het feit dat er heel veel te leren valt in het schaken. Er bestaan talloze mogelijke combinaties, eindspelen, positonele en strategische thema's en uiteraard openingszetten. Hoe deze kennis wordt aangeleerd is grotendeels afhankelijk van de persoon en de omstandigheden. Sommige spelers spelen erg veel zoals de regerende Belgisch kampioen Tanguy Ringoir anderen zoals mijzelf steken dan veel tijd in studie thuis. Uiteindelijk hoe je het ook draait of keert, er moet veel tijd worden gestoken in het schaken om alles aan te leren zodat we die kennis kunnen toepassen/ kopieren in onze partijen.

Uit deze inleiding zouden we kunnen afleiden dat iedereen die 10.000 uren spendeert aan het schaken zeker ook een meesterniveau moet kunnen behalen. Echter de praktijk toont aan dat de 10.000 uren een nodige maar geen voldoende voorwaarde is. Ik ken wel enkele spelers waarvan ik uit respect niet de namen zal vernoemen die deze hoeveelheid aan uren gespendeerd hebben aan het schaken maar zelfs niet in de buurt zijn gekomen van een zeker meesterniveau. Trouwens tussen de meesters zijn er ook grote niveauverschillen wat o.a. nog werd getoond in mijn vorig blogartikeltje met een kanon op een mug schieten. We moeten hieruit concluderen dat er nog iets anders is en dat heten we talent. Talent is niet iets wat je kan aanleren en geeft aan hoe efficiënt je aangeleerde kennis gebruikt. 

Een schaakpartij is voor de meeste spelers een strijd tussen 2 individuen die een krachtmeting willen doen om te bepalen wie van hen nu sterker is ofwel anders genoemd talentvoller. Ons elosysteem meet de resultaten van die krachtmetingen en geeft dus met grote nauwkeurigheid weer hoeveel talent men heeft. Nu mensen zijn van nature zo dat men zich altijd beter op de sociale ladder wil voordoen dan men in werkelijkheid is dus wordt er veelvuldig op legale wijze bedrog gepleegd. Ik spreek uiteraard over openingstheorie die soms tot op extreme diepte wordt gecopieerd om een beter resultaat te halen dan wat men anders volgens zijn puur talent zou behalen. Ik ben hier geen uitzondering op. Als ik denk een makkelijk punt te behalen met een voorbereiding of openingsanalyse dan zal ik het niet nalaten.

Persoonlijk denk ik dat mijn record betreffende copieren van (openings)zetten op 26 ligt. Dit haalde ik in mijn partij tegen Steven Geirnaert. Een eigenaardigheidje van deze sequentie zetten is dat ik ze gedetecteerd en ingestudeerd had in een half uurtje voorbereiding. In die periode had ik mijn toekomstige vrouw leren kennen en voorbereiden was toen niet iets waar ik de normale prioriteit aan gaf. Echter omdat ik Stevens repertoire vrij goed kende, kon ik toch heel gericht voorbereiden. Veel tijd heb je dus soms niet nodig om succesvol een lange ingestudeerde lijn op het bord te krijgen.

26 zetten lijkt misschien waanzinnig veel maar er bestaan heel wat voorbeelden die nog een heel stuk verder gaan. Zo werd bv. in 2009 zelfs een nieuwtje op zet 34 gekroond door NIC als 1 van de 10 beste van de Chess informant 105.

Voorbeelden van voorbij zet 40 bestaan ook maar ik kon ze niet direct traceren. Nu ik geloof met de 2 voorbeelden dat ik mijn punt duidelijk gemaakt heb. Spelers kopiëren naar hartelust zetten van andere spelers om zo betere zetten te kunnen spelen en dus beter te kunnen scoren. Terloops wil ik ook even aangeven dat het onbeperkt kopiëren van sterke zetten, gespeeld door iemand anders niet perse altijd betere resultaten oplevert. Dit werd o.a. opgegeven in mijn blogartikeltje de wetenschappelijke aanpak. Verrassen kan vaak efficiënter zijn.

Kopieren van zetten, zelfs hele partijen is dus common practice en uiteraard compleet legaal tenminste als je hiermee als individu tracht een optimaal resultaat te behalen. Een totaal ander verhaal wordt het wanneer je met je tegenstander op voorhand overeenkomt om een partij te kopiëren. Dit is matchfixing wat door meerdere fidereglementen wordt verboden. Wellicht het meest duidelijk reglement is artikel 8f "Where it is clear games have been pre-arranged, the CA shall impose suitable penalties." Toch zijn heel wat schakers vandaag nog steeds overtuigd dat dit reglement blijkbaar niet voor hen telt. Een zeer recent voorbeeldje zagen we in de partij Quentin Fontaine - Natacha Mabille gespeeld in de laatste ronde van de 18-20 Belgisch jeugdkampioenschap.

Achteraf kwam Quentin op Schaakfabriek nog tekst en uitleg geven waarom er niets mis was met die afspraak, hierbij niet beseffend dat hij een schriftelijke verklaring neerlegde van zijn bedrog. De spelers zijn nog jong dus we moeten hiermee rekening houden maar het is m.i. noodzakelijk dat we hun toch corrigeren. Men moet beseffen dat een partij meer is dan een zaak tussen 2 spelers. Een partij wordt normaal gespeeld in de frame van een tornooi. Om een succesvol tornooi te verkrijgen, is het daarom prioritair om steeds de belangen van het tornooi voorop te stellen t.o.v. de individuele. Je schrijft jezelf op voorhand in om x-aantal ronden te spelen dus als je niet door force majeure afwezig bent dan heb je ook geen serieuze reden om de laatste ronde op een normale wijze niet te spelen. Velen hechten blijkbaar nog weinig belang aan een gegeven woord.

Erger wordt het wanneer de afspraak ervoor zorgt dat hiermee de kansen op prijzengeld, titels, kwalificatie,... van anderen worden geëlimineerd of gehypothekeerd. De betrokken spelers zijn dan niet alleen onverschillig t.o.v. de verplichtingen maar bovendien generen zich niet om eigen profijt te forceren ten nadele van anderen. Het zal de lezer dan ook niet verwonderen dat ik pleit voor een kordaat optreden door de wedstrijdleiding als de bewijslast voldoende is.

In bovenstaand voorbeeld is de bewijslast uiteraard voldoende want we hebben een geschreven verklaring van 1 van de spelers. Echter ik meen dat we ook zonder zulke verklaringen voldoende bewijzen kunnen hebben. Ik zeg kunnen want in sommige gevallen is het volstrekt onmogelijk om te weten of er afgesproken is of niet. Bepaalde remisepartijtjes zijn erg bekend en wijdverspreid in het repertoire van velen. 1 voorbeeldje gaf ik in mijn blogartikeltje wit kiest al in de opening een remisevariant. Wanneer zeldzame en vooral langere remisepartijen worden gekopieerd dan is het wel mogelijk om research te doen. Via de databases is snel terug te vinden of de remisepartij in het repertoire past van beide spelers en indien niet dan zullen de spelers toch met een heel goede uitleg moeten komen om te verkaren hoe ze die partij op een legale wijze hebben kunnen construeren.

De spijtige conclusie van foute copycats is dat we ze eigenlijk maar kunnen pakken als ze zelf geen rekening hebben gehouden met de pakkans. De enige mogelijkheid die ik zie om afspraken op voorhand te vermijden is ervoor te zorgen dat de paringen slechts 1 minuut voor aanvang bekend worden gemaakt, bovendien communicatie strikt verboden is en alles met het nodige toezicht kan worden gecontroleerd. Absoluut geen prettige maatregelen maar misschien toch te overwegen voor een laatste ronde waar zo vaak onfrisse zaken gebeuren  (zie blogartikel Afgesproken resultaat in open Gent of niet).

Brabo

8 opmerkingen:

  1. De opmerking van Valery geraakte per abuis onder het blogartikeltje Sitzfleisch. Hij stelt zich de vraag waarom ik vertel dat het elosysteem met grote nauwkeurigheid het talent van iemand weergeeft.

    Uiteraard ben ik ironisch. Het elosysteem heeft geen rechtstreeks verband met talent wat ik zowel voor als na die uitspraak veelvuldig aantoon. Waarom die ironie? Wel vandaag zeggen wel de meeste spelers dan ze weinig belang hechten aan elopunten, echter ons onderbewustzijn spreekt dit voortdurend tegen. We zijn van kleinsaf op school opgegroeid dat goede punten op een rapport, overeenstemmen met slimmer, talentvoller,... Het is heel menselijk dat het onderbewustzijn vaak wint van ons verstand met soms eigenaardige gevolgen. 1 van de die eigenaardige gevolgen is dat heel wat spelers (te veel) belang hechten aan openingen.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. hallo Brabo
    in bovenstaand stuk haal je volgende thema's aan: Arbeidsethos, talent, openingen en partijafsptaken. Vd Hak op de tak springen is enerzijds bijzonder chaotisch en anderzijds verdwijnt daardoor de rode draad van je betoog en is je boodschap onduidelijk. Ik als lezer weet eigenlijk niet wat je nu juist wil zeggen.
    Beperk je tot 1 thema per tekst en onderstaande link zou je kunnen helpen
    http://www.leren.nl/cursus/professionele-vaardigheden/schrijven/vaste-structuren.html

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Bedankt voor de reactie Anoniem. Je hebt zeker een punt dat ik heel wat dingen bespreek in 1 artikel. De achterliggende idee is dat ik op mijn blog een soort verhaal vertel betreffende mijn gedachten/belevenissen. In mijn nieuwe artikels bouw ik steeds op mijn vorige artikels. Natuurlijk als je de vorige artikels niet gelezen hebt dan begrijp ik dat het chaotisch is om te volgen. Je zal trouwens in bovenstaand artikel, 6 linken zien staan naar vorige artikels om nieuwe bloglezers te helpen.
    Sommige trouwe volgers van deze blog vinden het net leuk dat ik verder bouw op vorige artikels want dit maakt zo de inhoud rijker maar ik kan best begrijpen dat het voor nieuwe lezers het erg moeilijk is om direct in te pikken.
    Je verwijzing naar zakelijke teksten apprecieer ik maar in het model van artikels die als schakels aan elkaar hangen, vind ik dit niet toepasbaar.

    Tenslotte is de kernboodschap van bovenstaand artikel dat we allemaal copycats zijn maar slechts enkelen zijn foute copycats.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Om eerlijk te zijn heb ik ook wel eens partijresultaten afgesproken. Maar ik heb nooit afgesproken om een hele partij te copiëren. Dat is me te ingewikkeld. Het is dan handiger om af te spreken 1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.Pc3 Pf6 4.Lb5 Pd4 5.Pxd4 exd4 6.e5 dxc3 7.exf6 Dxf6 8.dxc3 De7+ 9.De2 te spelen. Wil je dat tegengaan, dan worden de schaakreglementen behoorlijk absurd. Mijn punt is: als geen van beide spelers zin heeft om te winnen dan kun je pogingen daartoe uiteindelijk niet afdwingen.
    Ik ben geen fan van symboolwetgeving. Als een voorschrift niet af te dwingen is moeten we ons afvragen of we dat voorschrift nog wel moeten aanhouden.
    Daaruit volgt overigens dat het voorstel om paringen pas 1 minuut voor aanvang bekend te maken serieuze overweging verdient. De vraag is: wat is het grotere euvel, schakers de mogelijkheid ontnemen zich specifiek op een tegenstander voor te bereiden of te leren leven met afgesproken partijen?
    Ik heb daar bij voorbaat geen antwoord op.

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Ik ervoer dit artikel beslist niet als chaotisch. Waarschijnlijk heb ik het al eerder geschreven: ik vind het leuk hoe je allerlei verschillende thema's aan elkaar vastknoopt.

    BeantwoordenVerwijderen
  6. MNb: De discussie over remises werd op schaakfabriek al gevoerd maar ik wil mijn standpunt nog even herhalen.

    Sofiaregels of dergelijke zijn steeds frequenter aanwezig in de toptornooien. Ik verwacht dat die regels ook zullen doorsijpelen naar de gewone tornooien net zoals het anti-gsm reglement. In sommige landen zoals Frankrijk is het al zover.

    Eenmaal die reglementen van kracht zullen zijn, zal het heel moeilijk worden om een snelle remise op het bord te verkrijgen (tenminste wanneer spelers geen onderlinge afspraken maken om een partij te kopiëren).

    Tenslotte vind ik het persoonlijk wel aanvaardbare collateral damage wanneer enkel voor een laatste ronde voorbereiding onmogelijk wordt gemaakt door de paringen slechts 1 minuut vooraf op te hangen. De schade door afspraken heeft een veel grotere impact.

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Als iedereen zich niet kan voorbereiden, lijkt me dat zelfs veel eerlijker! Mag van mij op elke ronde worden toegepast.

    BeantwoordenVerwijderen
  8. Anoniem, ik veronderstel dat je bedoelt dat het eerlijker is wanneer theoretische openingskennis minder belangrijk wordt.
    Als je voorbereidingen verhindert dan zal het wellicht inderdaad zo zijn dat in partijen tussen amateurs het onevenwicht in theoretische openingskennis voor een stuk genivelleerd zal worden.
    Echter als een amateur tegen een prof speelt dan zal je m.i. eerder een omgekeerd effect zien waarbij de prof nog meer zal kunnen gebruiken van zijn overwicht in (parate)theoretische openingskennis. Amateurs die de kans krijgen om voor te bereiden in hun partijen tegen profs kunnen hierdoor een stukje van hun achterstand betreffende theoretische openingskennis wegwerken. Dus het weglaten van de voorbereiding, zorgt ervoor dat het oneerlijker wordt tussen amateur en prof betreffende theoretische openingskennis. Eigenlijk wel best een interessante stelling waar ik misschien eens een blogartikeltje moet aanbesteden want ik heb zeker materiaal hierover liggen.

    BeantwoordenVerwijderen