zondag 14 oktober 2012

Een Hollands gambietje

Sommigen denken dat ik mijn repertoire regelmatig onderhoud als FM maar dat klopt helemaal niet. Ik lees geen openingsboeken en heb evenmin een antwoord klaarliggen op alle mogelijke systemen die in mijn repertoire kunnen voorkomen. Eigenlijk is mijn repertoire een kaas met grote gaten. Door een aantal systeempjes zeer gedetailleerd te hebben bestudeerd, werd de perceptie gecreëerd bij heel wat schakers dat ik een fenomenale openingskennis bezit en dus domineer in de opening. Die reputatie heeft er eens een seizoen voor gezorgd dat ik met zwart bijna elk partij iets onorthodox voorgeschoteld kreeg: 1.a3, 1.b3, 1.g3, 1.d3, 1.c3, 1.e3...

Lezers van bv. het blogartikel een uitgebreid zwartrepertoire zullen al opgemerkt hebben dat ik in de vermelde partijen over bijzonder weinig voorkennis beschikte van de gekozen systemen. Vorige zondag shockeerde ik opnieuw sommigen toen ik claimde na zet 4 uit boek te zijn in een nochtans tegenwoordig populair geworden systeempje tegen het Hollands. De verklaring is eenvoudig want ik bestudeer openingen uiterst zelden in detail vooraleer ik ze al eens in een serieuze partij op het bord heb gehad. De laatste 3-4 jaren bestudeer ik wel telkens van een gespeelde partij de opening in detail.

Dit betekent hoe recenter het systeempje, hoe groter de kans dat ik het nog niet eerder op het bord heb gehad en dus hoe groter de kans dat ik er geen voorkennis van heb. Eigenlijk geef ik hiermee belangrijke voorbereidingsinformatie weg aan potentiële tegenstanders maar daar maal ik niet echt om. Het is aangenaam om nieuwe frisse ideeën op het bord te zien en bovendien beschikt niemand over de exacte lijst van mijn gespeelde serieuze partijen behalve mijzelf. 

Ik geloof niet dat mijn methode efficiënt is om openingen te bestuderen. Je kan m.i. beter minder in detail gaan en dus breder met behulp van enkele openingsboeken. Doch blijf ik mijzelf vastpinnen aan mijn achterhaalde methode waarvoor ik mijn eigenzinnige redenen heb. Vooreerst speel ik de laatste jaren te weinig partijen (vorig jaar slecht 12 voor fide) om te kunnen dromen van progressie dus verkies ik de klemtoon te leggen op de plezierige zaken. Voor mij is het lezen van openingsboeken, een repertoire opbouwen/onderhouden waar je op elke (grote) variant wel ergens iets hebt liggen, ...niet plezierig terwijl ik het wel fijn vind om van een (niche)variant het laatste naadje en draadje uit te zoeken. Het is geen toeval waarom ik ook enkele jaren correspondentieschaak speelde zodat ik mijzelf kon uitleven door soms waanzinnig diepe analyses te maken van een zeer klein zijvariantje.

Omdat de tijd te beperkt is om een groot aantal systeempjes in detail te bekijken, ben ik dus zorgvuldig bij de selectie hiervan. Ik heb ondervonden dat het voor mij meer loont om iets in detail te bekijken wat ik al eens op het bord heb gehad dan wat ik nog niet op het bord heb gehad. Ik zie hiervoor een aantal redenen. Het merendeel van de amateurs spendeert onvoldoende of geen tijd om de laatste ontwikkelingen van de theorie op te volgen en houdt zich vast aan de eigen oude systeempjes. Spelers in een regio kijken naar elkaar en daar ik vooral in 1 regio speel, loont het extra om de systeempjes van mijn eigen gespeelde partijen te bestuderen. Tenslotte bereiden de tegenstanders zich voor met behulp van de gespeelde partijen.

Op deze blog heb ik al meerdere artikeltjes gepubliceerd die mijn lange inleiding van dit artikel bevestigen. Ik denk bijvoorbeeld aan een obscuur weens variantje of de boemerang of een theoretisch duel in de svechnikov of wit kiest al in de opening een remisevariant. Ik wil hier nog een nieuw voorbeeldje aan toevoegen met een kort verhaal over een zeer specifiek Hollands gambietje.

In 2006 speelde ik het enige gesloten meestertornooi tot nu toe van mijn schaakcarriere in Brugge. Het werd een teleurstelling voor mijzelf door een mix van allerlei factoren. Wellicht 1 van die factoren was het feit dat een aantal deelnemers mij goed kenden en bijgevolg ook gemakkelijker het spel konden sturen naar oncomfortabele stellingen voor mij. Tom Piceu koos in onze onderlinge partij voor een zeldzaam scherp Hollands gambietje waarvan hij hoopte dat ik er geen ervaring mee had. Bovendien hebben de resulterende middenspelposities een verwantschap met het Frans, een opening die ik als zwart niet op mijn repertoire heb staan in tegenstelling tot Tom. De openingskeuze bleek een schot in de roos voor Tom want hij kreeg achteraf de schoonheidsprijs voor de partij.

Onlangs kreeg ik het in de laatste ronde van Open Gent opnieuw in een serieuze partij op het bord. Na mijn smadelijke nederlaag een ronde eerder tegen Hovhanisian, wou ik toch nog iets rechtzetten en dit lukte door te borduren op mijn verworven kennis uit de partij tegen Tom.

Ik scoorde dankzij deze snelle overwinning uiteindelijk een behoorlijke 6,5/9. Evenveel dus als het vorige jaar maar deze keer viel ik niet meer in de prijzen daar de prijzen voor de beste Belgen waren afgeschaft. Als voltijds werkende schaakamateur maak ik mij niet druk om de paar euro's. Ik was tevreden van mijn spel en dit is uiteindelijk wat voor mij het meest telt. Je eigen partijen bestuderen, loont op termijn altijd.

Brabo

2 opmerkingen:

  1. Vind je de kans niet minimaal dat dergelijke partijen zich herhalen?

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Ik heb sedert 1 januari 2012, 23 partijen gespeeld (klubkampioenschap, interclub, Open Gent en Zilveren Toren). De artikels 'een obscuur Weens variantje', 'de boemerang' en het nu gepubliceerde 'Een Hollands gambietje' zijn duidelijke voorbeelden dat herhalingen voorkomen. Als je weet dat de 3 herhalingen telkens dit jaar gebeurden dus in slechts 23 partijen dan is m.i. het toeval te groot om te stellen dat de kans minimaal is dat dergelijke partijen zich herhalen.

    Zoals eerder vermeld op dit blog, is mijn repertoire heel eng. Ik varieer hoegenaamd niet tenzij iets niet meer voldoet aan het powerplay principe. Als je meer dan 15 jaar competitie speelt met die methode, al je eigen partijen achteraf zorgvuldig analyseert dan is het niet zo abnormaal dat ik vandaag af en toe hievan de vruchten kan plukken.

    BeantwoordenVerwijderen